AZ Sint-Jan Brugge nam deel aan de BEAT PAROX AF-studie, een grote Europese studie naar de behandeling van paroxysmale voorkamerfibrillatie (atriumfibrillatie). Dit project werd ondersteund door het Horizon 2020-programma van de Europese Commissie, dat innovatieve onderzoeksinitiatieven binnen Europa financiert.
Paroxysmale voorkamerfibrillatie is een hartritmestoornis waarbij het hart plots en af en toe in een onregelmatig ritme terechtkomt. Dit kan hartkloppingen, vermoeidheid of kortademigheid veroorzaken.
Voor wie was de studie bedoeld?
De studie was bedoeld voor patiënten die ondanks medicatie nog steeds last hadden van deze hartritmestoornis en in aanmerking kwamen voor een eerste katheterablatie. Dit is een behandeling waarbij dunne buisjes (katheters) via de lies tot in het hart worden gebracht om de kleine stukjes hartweefsel ter hoogte van de ingang van de longaders uit te schakelen die het hartritme verstoren.
Wat werd er onderzocht?
Twee behandelingsmethoden werden met elkaar vergeleken:
- Pulsed Field Ablation (PFA): een nieuwe methode die gebruikmaakt van korte elektrische pulsen om het storende weefsel zeer precies te behandelen, zonder het weefsel weg te branden.
- Radiofrequente ablatie (RFA): een techniek die al vele jaren wordt gebruikt en waarbij warmte wordt ingezet om het storende weefsel weg te branden en zo hetzelfde doel te bereiken.
De onderzoekers wilden nagaan of deze nieuwe elektrische techniek beter werkt en even veilig of zelfs veiliger is dan de klassieke warmtebehandeling.
Wat zijn de belangrijkste resultaten?
Na een jaar opvolging bleek dat:
- Beide behandelingen even goed werken: ongeveer 77% van de patiënten had geen nieuwe ritmestoornissen meer na 1 ingreep.
- In geen van beide groepen waren er sterfgevallen, beroertes of blijvende zenuwletsels.
- Met PFA kwamen minder complicaties voor tijdens of na de procedure.
- In het bijzonder werd vernauwing van de longaders (de bloedvaten die zuurstofrijk bloed van de longen naar het hart brengen en waar de belangrijkste bronnen van atriumfibrillatie zich bevinden), een mogelijke bijwerking van een katheterablatie, alleen gezien bij de warmtebehandeling (RFA).
- De PFA-procedure was korter, waardoor de ingreep minder belastend kan zijn.
Waarom is dit belangrijk voor patiënten?
De studie laat zien dat patiënten in gespecialiseerde ziekenhuizen zoals AZ Sint-Jan Brugge met beide technieken uitstekende resultaten kunnen behalen.
De nieuwe PFA-techniek lijkt veiliger en sneller, terwijl de bestaande warmte ablatie nog steeds heel doeltreffend is en de voorbije jaren sterk verbeterd is.
Dankzij deze studie kunnen arts en patiënt samen een goed geïnformeerde keuze maken tussen 2 betrouwbare behandelingen. Het onderzoek helpt bovendien om de zorg steeds veiliger, efficiënter en patiëntvriendelijker te maken.