Back to top

Recht op vrije toestemming in een tussenkomst met voorafgaande info

De patiënt heeft het recht om geïnformeerd, voorafgaandelijk en vrij toe te stemmen in iedere tussenkomst van de beroepsbeoefenaar. (art. 8 §1) De toestemming van de patiënt wordt vereist voor elke tussenkomst van de beroepsbeoefenaar in het kader van zijn/haar relatie met de patiënt. De relatie patiënt - beroepsbeoefenaar wordt gekenmerkt door een continu geven van toestemming door de patiënt voor elke tussenkomst van de beroepsbeoefenaar.

In principe moet de toestemming uitdrukkelijk gegeven worden door de patiënt, behalve indien de beroepsbeoefenaar, na de patiënt voldoende te hebben geïnformeerd, uit de gedragingen van de patiënt redelijkerwijze zijn/haar toestemming kan afleiden (non-verbale toestemming). De patiënt heeft het recht te vragen om zijn/haar toestemming schriftelijk vast te leggen en toe te voegen aan het patiëntendossier. Ook de beroepsbeoefenaar wordt dit recht toegekend, op voorwaarde dat de patiënt hiermee akkoord gaat. Wanneer de patiënt een geschreven toestemming weigert terwijl de beroepsbeoefenaar een geschrift noodzakelijk vindt, dan kan die weigering in het patiëntendossier worden genoteerd.

De inhoud van de informatie die verstrekt moet worden aan de patiënt met het oog op het verlenen van zijn/haar toestemming heeft betrekking op:

  • Het doel (tussenkomst met diagnostisch of therapeutisch karakter)
  • De aard (pijnlijk, invasief)
  • De graad van urgentie
  • De duur
  • De frequentie
  • De voor de patiënt relevante tegenaanwijzingen, nevenwerkingen en risico’s verbonden aan de tussenkomst
  • De nazorg
  • De mogelijke alternatieven
  • De financiële gevolgen
  • De mogelijke gevolgen in het geval van weigering of intrekking van de toestemming
  • Andere relevant geachte verduidelijkingen
  • De gezondheidstoestand van de patiënt (zie art. 7)

De informatie moet tijdig en voorafgaandelijk aan elke tussenkomst verstrekt worden.

Sinds mei 2014 moet de zorgverstrekker je informeren of hij al dan niet beschikt over een verzekeringsdekking met betrekking tot de beroepsaansprakelijkheid, alsook wat zijn vergunnings- of registratiestatus is.

De patiënt heeft het recht zijn/haar toestemming te weigeren en kan een eerder gegeven toestemming intrekken. De beroepsbeoefenaar heeft niet het recht om zonder toestemming de patiënt te behandelen. De weigering of intrekking van de toestemming heeft niet automatisch tot gevolg dat de rechtsverhouding tussen de patiënt en de beroepsbeoefenaar ophoudt te bestaan. Bijgevolg behoudt de patiënt het recht op kwaliteitsvolle dienstverstrekking.

De voorafgaande wilsverklaring, waarin een wilsbekwame patiënt een welbepaalde behandeling weigert, is van bindende aard, en dit zolang hij/zij ze niet herroept op een moment dat hij/zij in staat is zelf zijn/haar rechten uit te oefenen.

Een voorafgaande en een actuele uitgedrukte weigering impliceren dat de beroepsbeoefenaar niet gerechtigd is om te handelen en dat hij/zij deze de weigering dient te respecteren.

Wat spoedgevallen betreft, is het niet steeds mogelijk dat de patiënt of zijn/haar vertegenwoordiger voor elke tussenkomst van de beroepsbeoefenaar zijn/haar toestemming geeft. Hier moet vooreerst rekening gehouden worden met de duidelijke, al dan niet voorafgaandelijk uitgedrukte wil van de patiënt of zijn/haar vertegenwoordiger. Bestaat hieromtrent geen duidelijkheid, dan voert de beroepsbeoefenaar onmiddellijk elke noodzakelijke tussenkomst uit in het belang van de patiënt als toepassing van artikel 422 bis van het Strafwetboek. De beroepsbeoefenaar dient nadien in het patiëntendossier te vermelden dat zijn/haar tussenkomst gebeurde zonder toestemming omdat het om een spoedgeval ging. Van zodra het mogelijk is, moeten de informatie- en toestemmingsverplichting nageleefd worden.

De inhoud van deze pagina werd samengesteld door de betrokken dienst(en). Laatste update: 21 augustus 2020