Je verwijzende arts vroeg een DMSA-nierscintigrafie bij je uit te voeren op de dienst Nucleaire Geneeskunde.
Het is belangrijk te weten dat dit onderzoek veilig en pijnloos verloopt.
Wat is een DMSA-nierscintigrafie?
Er wordt een stof ingespoten in het bloed. Deze stof wordt opgenomen door de nierschors. Zones in de nier waar het normale nierweefsel in het gedrang komt, bijvoorbeeld door een infectie, gaan de stof in mindere mate opnemen. Omdat de stof een kleine hoeveelheid radioactiviteit draagt, kan ze binnen het lichaam worden opgespoord met een speciale camera, gevoelig voor de uitgezonden straling. Zo kan een beeld worden gemaakt van de nieren.
Waarom een DMSA-nierscintigrafie?
DMSA-scintigrafie speelt een rol bij het opsporen of het opvolgen van nierinfecties en bij het opsporen van nierembolen, klonters in de niercirculatie. Soms wordt dit onderzoek gebruikt om na te gaan in welke mate elk van beide nieren bijdraagt tot de totale nierwerking.
Dat de dienst Nucleaire Geneeskunde deel uitmaakt van het Oncologisch Centrum hoeft je niet te verontrusten: veruit de meeste onderzoeken gebeuren voor goedaardige aandoeningen.
Verloop van het onderzoek
Voor een nierscintigrafie hoef je niet nuchter te zijn.
Kinderen
Je meldt je op het afgesproken uur aan op de consultatie pediatrie (route 190). Omdat kinderen bij voorkeur aangeprikt worden door een pediatrisch verpleegkundige, wordt er op deze dienst een verblijfskatheter geplaatst. Deze katheter zorgt ervoor dat de toediening van de stof, nodig voor het onderzoek, vlot verloopt.
Nadat de katheter geplaatst werd, ga je naar de dienst Nucleaire geneeskunde (route 89). Breng de aanvraagbrief mee die je voor het onderzoek kreeg van de behandelende arts.
Het is belangrijk dat het kind voor het onderzoek voldoende drinkt. In het geval van kleine kinderen raden we aan een extra flesje te geven voor het onderzoek.
Je kind zal via de katheter in de arm een inspuiting krijgen met een radioactieve stof die ervoor zorgt dat de nieren zichtbaar worden op de scan. Nevenwerkingen van de inspuiting zijn zo goed als onbestaande.
De stof moet 3 - 6 u. inwerken opdat de nieren voldoende stof kunnen opnemen en waardoor beeldopnamen mogelijk zijn. De opnamen zelf nemen ongeveer 20 minuten in beslag.
Volwassenen
De radioactieve stof wordt ingespoten in een ader in de arm. Nevenwerkingen van de inspuiting zijn zo goed als onbestaande.
4 tot 6 uur later hebben de nieren voldoende stof opgenomen om opnamen mogelijk te maken. Je krijgt een tijdstip meegedeeld waarop je je terug moet aanmelden. Tussen de inspuiting en dit tijdstip mag je de afdeling verlaten. Als je wil blijven, voorzie dan wat lectuur of ander tijdverdrijf, om het wachten zo aangenaam mogelijk te laten verlopen.
Na de wachttijd worden er planaire en driedimensionele opnamen gemaakt. De gewone opnamen nemen ongeveer 20 minuten in beslag. De driedimensionele duren nog eens een half uur. Voor die laatste draaien de detectoren van de camera rond de nieren, terwijl je in rugligging op een bed ligt. De verpleegkundigen / technologen zullen je helpen om daarbij de houding aan te nemen die het beste resultaat levert. Metalen voorwerpen storen de opnamen. Vandaar dat je wordt gevraagd om metalen sieraden, muntstukken ... te verwijderen.
Om een precies idee te krijgen over de werking van de nier worden de volgende dag nog eens opnieuw gewone beelden genomen (die ongeveer 15 minuten in beslag nemen).
Waarschuw de verpleegkundigen of technologen als je claustrofoob bent.
Voorzorgsmaatregelen stralingsbescherming
Ben ik dan radioactief?
Ja. De inspuiting maakt je licht radioactief. De radioactiviteit zal spontaan verdwijnen, deels omdat ze vanzelf vermindert, deels omdat de stof wordt uitgescheiden in de urine. Drink na het einde van het onderzoek voldoende water. Dat helpt om de rest radioactiviteit snel uit het lichaam te verwijderen.
Was je handen met zeep en spoel ze overvloedig met water telkens je naar het toilet bent geweest in de loop van de eerste 24 uur na het onderzoek. Spoel dan ook het toilet 2 maal door.
Vermijd contact met zwangeren en baby's gedurende 24 uur na het onderzoek.
Zwanger?
Als je mogelijk zwanger bent, dan moet je dit zeker melden. Afhankelijk van de dringendheid van het onderzoek en het stadium van de zwangerschap kan eventueel besloten worden om het onderzoek uit te stellen.
Borstvoeding
Als je borstvoeding geeft en je ondergaat een nierscintigrafie, dan hoef je de borstvoeding niet te onderbreken, op voorwaarde dat die juist voor de toediening van het radiofarmacon gebeurt. De radioactieve stof dringt niet door in de moedermelk. Omwille van het langdurige, nauwe contact tijdens de voedingsbeurten is het beter om de melk tijdelijk af te kolven en de baby, indien mogelijk, gedurende 1 dag door anderen te laten voeden.