Je verwijzend arts vroeg een 123I-whole body-onderzoek (123I-whole body-scintigrafie) bij je uit te voeren op de dienst Nucleaire Geneeskunde.
Het is belangrijk te weten dat dit onderzoek veilig en pijnloos verloopt.
Wat is een 123I-whole body-onderzoek?
Er wordt een stof ingespoten in het bloed, die wordt opgenomen door de schildkliercellen. Ook schildkliercarcinoomcellen in het lichaam op andere plaatsen dan de schildklier, nemen deze stof op.
Omdat de stof licht radioactief is, kan ze binnen het lichaam worden opgespoord met een speciale camera, gevoelig voor de uitgezonden straling.
Waarom een 123I-whole body-onderzoek?
Een 123I-whole body-onderzoek geeft informatie over de morfologie en de functie van het schildklierweefsel en schildkliercarcinoomcellen.
Verloop van het onderzoek
Voor een 123I-whole body-scintigrafie hoef je niet nuchter te zijn.
Bij sommige indicaties is het nodig je TSH voldoende hoog te laten stijgen. Je endocrinoloog beslist hierover en zal de praktische instructies meegeven. Meestal wordt 1 injectie Thyrogen gegeven op 48 u. voor injectie en 1 op 24 u. voor injectie van de radioactieve stof.
De radioactieve stof wordt ingespoten in een ader in de arm. Nevenwerkingen van de inspuiting zijn zo goed als onbestaande.
Het product moet 24 u. inwerken. De dag nadien kom je dus terug voor de scan zelf. Het maken van de beelden duurt ongeveer 40 minuten. Je ligt daarbij in rugligging op een bed, dat tussen 2 detectoren, onder en boven je, zal schuiven, zodat het hele lichaam in kaart wordt gebracht. Het is belangrijk om zo stil mogelijk te blijven liggen.
Eventueel kan de arts nog bijkomende opnamen vragen, die 1 u. in beslag kunnen nemen.
Soms zijn laattijdige opnames nodig 48 u. na injectie van de radioactieve stof. Dit wil zeggen dat je de dag daarna nog eens moet terugkomen.
De opnamen kunnen meteen worden afgebroken als je onwel wordt. Waarschuw de verpleegkundigen als je claustrofoob bent.
Voorzorgsmaatregelen stralingsbescherming
Ben ik dan radioactief?
Ja. De inspuiting maakt je licht radioactief. De radioactiviteit zal spontaan verdwijnen, deels omdat ze vanzelf vermindert, deels omdat de stof wordt uitgescheiden in de urine. Drink na het einde van het onderzoek voldoende water. Dat helpt om de rest radioactiviteit snel uit het lichaam te verwijderen.
Was je handen met zeep en spoel ze overvloedig met water telkens je naar het toilet bent geweest in de loop van de eerste 24 u. na het onderzoek. Spoel dan ook het toilet 2 maal door.
Vermijd contact met zwangeren en baby's gedurende 24 u. na het onderzoek.
Zwanger?
Als je mogelijk zwanger bent, dan moet je dit zeker melden. Afhankelijk van de dringendheid van het onderzoek en het stadium van de zwangerschap kan eventueel besloten worden om het onderzoek uit te stellen.
Borstvoeding?
Als je borstvoeding geeft en je ondergaat een 123I-whole body-onderzoek, dan zal een kleine fractie van de radioactieve stof in de moedermelk doordringen. Het is aangeraden de borstvoeding gedurende 12 u. te onderbreken. Je kan als je dat wil de afgekolfde melk gedurende een periode van minstens 3 dagen in de diepvries bewaren in de gebruikelijke, daartoe voorziene steriele zakjes. Na deze periode is elk spoor van radioactiviteit spontaan uit de ingevroren melk verdwenen en kan de baby er zonder risico van drinken.
Omwille van het langdurige, nauwe contact tijdens de voedingsbeurten raden we ook aan om de baby, indien mogelijk, gedurende 1 dag door anderen te laten voeden.