Bij minder dan 5 % van de vrouwen met borstkanker gaat het om een erfelijke vorm van kanker. De erfelijke vorm wordt meestal op jongere leeftijd vastgesteld – tussen de 35 en 60 jaar. Patiënten met de erfelijke vorm hebben een verhoogd risico op de ontwikkeling van kanker in beide borsten (in de plaats van in 1 borst) en ook een verhoogd risico op eierstokkanker.
Vrouwen die drager zijn van een mutatie op het borstkankergen BCRCA1 of BRCA2 hebben 55 – 85 % kans om voor hun 80e borstkanker te krijgen. De kans op eierstokkanker bedraagt 40 – 60 % (bij BRCA1) en 15 – 20 % (bij BRCA2). De kans dat een man borstkanker ontwikkelt ligt rond de 5 % maar het gen kan wel door de man worden overgedragen.
Bij onder andere volgende criteria kan het aangewezen zijn om een genetisch onderzoek te overwegen:
- Diagnose voor de leeftijd van 35 jaar.
- Borstkanker in beide borsten voor 50 jaar.
- Eierstokkanker bij jou of een familielid.
- Borstkankerdiagnose bij een man.
- 2 of meer eerste- en/of tweedegraadsverwanten (mannelijk of vrouwelijk) aan moeder- of vaderszijde met borstkanker, afhankelijk van de leeftijd en grootte van de familie.
Borstkanker heeft een erfelijke oorzaak als er sprake is van een aangeboren mutatie in het erfelijk materiaal. De belangrijkste oorzaak voor borstkanker is een mutatie in het BRCA1-gen, het BRCA2-gen of het PALB2-gen. Deze aanleg geeft een sterk verhoogd risico op borstkanker (in beide borsten) en kan ook zorgen voor een verhoogd risico op eierstokkanker. Ook mannen kunnen drager zijn van deze mutatie.
Indien nodig zal je arts je doorverwijzen naar de dienst Menselijke Erfelijkheid van het UZ Gent, die ook in ons ziekenhuis consultaties verzorgt.
Verdere informatie kan je vinden op de website van UZGent.
Contactgegevens
Menselijke Erfelijkheid
CRG - Brugge - 050 45 27 33
Prof. dr. Bruce Poppe
Prof. dr. De Putter
Dr. Tim Van Damme