Elke dag komen tientallen mensen via de dienst Spoedopname van ons ziekenhuis binnen. Vaak nemen ze thuis medicijnen, maar weten ze niet altijd precies welke. “Een groen pilletje” zeggen ze dan. Of: “Dat doosje met van die witte pilletjes.” Daardoor hebben de spoedartsen niet altijd een duidelijk beeld van de medicatie die de patiënt gebruikt.
Hoe komen we het precies te weten?
Onze apotheekassistenten nemen deze taak op zich. Ze spreken met elke patiënt en vragen grondig door over de medicatie die hij of zij thuis gebruikt. Zo krijgen de spoedartsen een helder beeld van wat je echt neemt, en kunnen ze beter inschatten wat er eventueel misloopt.
Uit onderzoek ontstond een vaste aanpak
Deze werkwijze begon als de thesis van Emily Martens, nu ziekenhuisapotheker. Samen met het Departement Zorg onderzocht ze hoe we thuismedicatie op Spoed beter kunnen opvolgen. Ze leidde 3 apotheekassistenten op en volgde hen tijdens hun gesprekken met patiënten. Het resultaat? De assistenten bleken perfect geschikt voor deze taak. Ondertussen maakt deze aanpak deel uit van de dagelijkse praktijk.
Gemiddeld 5 verschillen per patiënt
De cijfers zijn opvallend. Elke dag bevragen de assistenten gemiddeld 10 patiënten. “Bij elke patiënt vinden we gemiddeld 5 verschillen tussen het dossier en wat de patiënt thuis echt inneemt”, zegt Sarah Devloo, ziekenhuisapotheker. “In 40 procent van de gevallen gaat het om verschillen die een grote impact kunnen hebben op de gezondheid.” Zo ontdekte het team bij een patiënt met hallucinaties dat hij per ongeluk 2 pijnpleisters tegelijk droeg. Andere patiënten bleken extreme dosissen slaapmedicatie te nemen, wat hun val- en verwardheidsklachten verklaarde.
Dingen die patiënten vaak vergeten
Onze assistenten checken eerst alle gegevens in het ziekenhuisdossier en andere digitale bronnen. Daarna gaan ze in gesprek met de patiënt, met extra aandacht voor dingen die vaak vergeten raken: voedingssupplementen, oogdruppels, puffers … Als er nog twijfel is, bellen ze met de huisarts, apotheek of familie. Zo houden ze het medicatieschema in het ziekenhuis correct en volledig.
“We willen zeker zijn dat alles klopt”
Na elk gesprek kijkt een ziekenhuisapotheker het medicatieschema grondig. “We willen zeker zijn dat alles klopt”, zegt Sarah. De assistenten kunnen altijd bij de apotheker terecht met vragen. Omdat het onmogelijk is om elke spoedpatiënt persoonlijk te bevragen, gebruiken we ook een slimme digitale tool van het UZ Leuven. Die helpt ons inschatten wie het grootste risico op medicatiefouten loopt. Emily: “Samen met het UZ Leuven zijn we voorlopig het enige ziekenhuis dat deze handige tool inzet.”