Je verwijzend arts vroeg een myocardperfusiescintigrafie of MIBI-onderzoek bij je uit te voeren op de dienst Nucleaire Geneeskunde.
Het is belangrijk te weten dat dit onderzoek veilig en pijnloos verloopt.
Wat is een myocardperfusiescintigrafie?
Dit onderzoek heeft als doel de doorbloeding van de hartspier zichtbaar te maken. Er wordt een stof ingespoten in het bloed, die zich nestelt in de hartspier. Gebieden in de hartspier met een verstoorde doorbloeding zullen minder van de ingespoten stof opnemen dan hartspierweefsel met een normale doorbloeding. Omdat de ingespoten stof een kleine hoeveelheid radioactiviteit draagt, kan ze binnen het lichaam worden opgespoord met een speciale camera, gevoelig voor de uitgezonden straling. Op deze manier kunnen regio's van verstoorde doorbloeding in beeld worden gebracht.
Waarom een myocardperfusiescintigrafie?
De gemaakte beelden leveren een type informatie op dat niet uit andere onderzoeken kan worden verkregen. Zo kan een afwijking in de doorbloeding van de hartspier, veroorzaakt door een vernauwing in de kransslagaders, aangetoond of uitgesloten worden. In andere gevallen weet men dat een vernauwing bestaat, maar wil men nagaan hoe ernstig de gevolgen daarvan zijn. Het onderzoek geeft eveneens een idee over de pompwerking van het hart.
Dat de dienst Nucleaire Geneeskunde deel uitmaakt van het Oncologisch Centrum hoeft je niet te verontrusten: het merendeel van de onderzoeken op onze dienst gebeurt voor goedaardige aandoeningen.
Verloop van het onderzoek
Voor een myocardperfusiescintigrafie moet je nuchter zijn. Ook een cafeïne (koffie, cola, thee, energiedranken …) en chocolade zijn niet toegelaten.
Het onderzoek is verdeeld over 2 dagen; de ene dag omvat het onderzoek een inspanningsproef, de andere dag gebeurt het onderzoek in rust. Op elk van deze dagen krijg je een injectie in een bloedvat in de arm. Nevenwerkingen van de inspuiting zijn zo goed als onbestaande.
Voor het inspanningsonderzoek moet je je eerst aanmelden op de dienst Cardiologie. De cardioloog beslist welke inspanningsproef bij jou het meest aangewezen is: ofwel moet je fietsen, ofwel wordt je hart belast door het toedienen van een medicijn. Wanneer je hart tijdens de inspanningsproef maximaal belast is, wordt de radioactieve stof ingespoten via een infuuslijn. Na het onderzoek ga je naar naar de dienst Nucleaire Geneeskunde, waar de opnames zullen starten 1 uur na injectie. Het is tijdens dit uur aangewezen voldoende te drinken en een vetrijke voeding vetrijke voeding (boterhammen met kaas, chocolademelk, chocoladekoek, boterkoek … in te nemen. Dit heeft als doel de beeldkwaliteit te verbeteren.
Voor het nemen van de foto's ga je op je rug op een onderzoekstafel liggen. 2 detectoren van de camera draaien hierbij rond de borststreek om driedimensionale opnames te maken van het hart. De verpleegkundigen zullen je helpen om de houding aan te nemen die het beste resultaat oplevert. Er worden elektroden op de borst geplakt om tijdens het onderzoek een elektrocardiogram te registreren. Op deze manier verkrijgt het camerasysteem namelijk onmisbare informatie over het hartritme. Het maken van de beelden duurt ongeveer 20 minuten.
Voor het rustonderzoek meld je je rechtstreeks aan op de dienst Nucleaire Geneeskunde voor de injectie en de beeldvorming. Dezelfde radioactieve stof wordt in een ader in de arm ingespoten en van dan af verloopt het onderzoek op dezelfde manier als het inspanningsonderzoek. Het product moet minstens een uur inwerken, ondertussen drink en eet je en daarna worden beelden gemaakt, die eveneens ongeveer 20 minuten duren.
Soms is het nodig om na een wachtperiode nog eens een nieuwe reeks beeldopnamen te maken; het ingespoten product heeft namelijk als eigenschap zich ook in geringe mate in de darmen op te stapelen: bij sommige patiënten kan dit een accurate interpretatie van de onderwand van het hart verhinderen. Een herhaalde opname, op een later tijdstip, kan dit probleem dikwijls verhelpen.
Elke opname kan meteen worden afgebroken mocht je onwel worden. Waarschuw de verpleegkundigen/technologen als je claustrofoob bent.
Voor het volledige verloop van een onderzoeksdeel is dus al snel 2 uur nodig.
Voorzorgsmaatregelen stralingsprotectie
Ben ik dan radioactief?
Ja. De inspuiting maakt je licht radioactief. De radioactiviteit zal spontaan verdwijnen, deels omdat ze vanzelf vermindert, deels omdat de stof wordt uitgescheiden in de urine. Drink na het einde van het onderzoek voldoende water. Dat helpt om de rest radioactiviteit snel uit het lichaam te verwijderen.
Was je handen met zeep en spoel ze overvloedig met water telkens je naar het toilet bent geweest in de loop van de eerste 24 uur na het onderzoek. Spoel dan ook het toilet twee maal door.
Vermijd contact met zwangeren en baby's gedurende 24 u. na het onderzoek.
Zwanger?
Als je mogelijk zwanger bent, dan moet je dit zeker melden. Afhankelijk van de dringendheid van het onderzoek en het stadium van de zwangerschap kan eventueel besloten worden om het onderzoek uit te stellen.
Borstvoeding?
Als je borstvoeding geeft en je ondergaat een myocardperfusiescintigrafie, dan hoef je de borstvoeding niet te onderbreken na het onderzoek. De radioactieve stof dringt niet door in de moedermelk. Omwille van het langdurige, nauwe contact tijdens de voedingsbeurten is het beter om de melk tijdelijk af te kolven en de baby, indien mogelijk, gedurende 1 dag door anderen te laten voeden.