Veel mensen gaan ervan uit dat een zwangerschap onmogelijk wordt na een heelkundige ingreep, chemotherapie of bestraling bij kanker. Deze behandelingen zijn meestal zeer effectief in de strijd tegen de ziekte, helaas hebben ze op termijn ook vaak een nadelig effect op de vruchtbaarheid. Toch bestaan er manieren om na een kankerbehandeling nog zwanger te worden.
Als een kankerbehandeling een mogelijke invloed op de vruchtbaarheid zal hebben, word je hierover eerst geïnformeerd door de behandelend arts en doorverwezen naar een fertiliteitsarts. Gezien de tijdsdruk om met de kankerbehandeling te starten, wordt een afspraak op de dienst Fertiliteit op heel korte termijn ingepland.
Bij vrouwelijke patiënten wordt vanaf de puberteit (afhankelijk van de beschikbare tijd voor met de kankerbehandeling gestart moet worden) voorgesteld om eicellen, embryo’s (bevruchte eicellen na enkele dagen ontwikkeling in het labo) of eierstokweefsel in te vriezen. De Belgische wetgeving voorziet voor al deze technieken volledige of gedeeltelijke terugbetaling bij vrouwen jonger dan 38 jaar. Tussen 38 en 43 jaar is enkel gedeeltelijke terugbetaling voorzien voor het invriezen van embryo’s. Eicellen en eierstokweefsel worden wettelijk 10 jaar gratis bewaard, embryo’s 5 jaar. Op aanvraag kan de bewaartermijn altijd verlengd worden, mits een kleine kost.
Bij meisjes voor de puberteit kan enkel eierstokweefsel operatief verwijderd en ingevroren worden.
Bij mannelijke patiënten, na de puberteit, proberen we altijd om een of meerdere spermasta(a)l(en) na masturbatie in te vriezen. In zeldzame gevallen kan het nodig zijn om via een kleine ingreep teelbalweefsel af te nemen en in te vriezen (vb. bij uitgesproken erectie- en/of ejaculatieproblemen). De Belgische wetgeving voorziet voor al deze technieken volledige terugbetaling bij mannen jonger dan 45 jaar. Ook hier is de gratis bewaartermijn 10 jaar. Op aanvraag kan de bewaartermijn altijd verlengd worden, mits een kleine kost.
Bij jongens voor de puberteit kan enkel teelbalweefsel operatief verwijderd en ingevroren worden.
Als de patiënt na het gesprek met de fertiliteitsarts kiest om eicellen, zaadcellen of weefsel in te vriezen, wordt door een vroedvrouw of labomedewerker gedetailleerde info over het verloop van het traject gegeven (vb. over het toedienen van de injecties met hormonale medicatie) en wordt de procedure zo snel mogelijk gestart.
De medewerkers van de fertiliteitskliniek proberen altijd de nodige tijd en begeleiding te voorzien voor patiënten in deze moeilijke situatie. Ook wordt in overleg gewerkt met de behandelende arts op oncologie/hematologie en de referentieverpleegkundige/zorgconsulent zodat de zorg zo goed mogelijk afgestemd is en de kankerbehandeling zo weinig mogelijk vertraging oploopt.