Wat is het?
Tranende ogen zijn een frequent voorkomende klacht die vaak onderschat wordt. Patiënten die last hebben van tranende ogen, zien minder goed door de tranen, krijgen huidirritatie door constant deppen en vinden het vervelend om met ‘geëmotioneerde’ ogen rond te lopen.
Er zijn drie mogelijke oorzaken voor tranende ogen: een verhoogde productie (hypersecretie) van de traanklier, een verminderde pompfunctie van de oogleden of een obstructie van het traanafvoersysteem.
Symptomen
Tranende ogen kunnen diverse oorzaken hebben:
Hypersecretie
Hypersecretie is een verhoogde productie door de traanklier. Het zijn reactieve tranen, die ontstaan als reflex op een beschadigd hoornvlies (cornea). De meest frequente oorzaak is droogtekeratopathie: meerdere wondjes in het hoornvlies. Patiënten hebben dan constant een schurend gevoel (zandkorrelgevoel) in hun oog.
Verminderde pompfunctie
De anatomie en functie van de oogleden kunnen verstoord raken, bijvoorbeeld door leeftijdsgebonden slapheid (laxiteit), verlamming (parese) of na een operatie. In dat geval kunnen de tranen niet meer goed worden weggepompt en ontstaan tranende ogen.
Obstructie van het traanafvoersysteem
Proximale stenose veroorzaakt vernauwingen (stenoses) ter hoogte van een traanpunt (canaliculus). Hierdoor wordt de traanafvoer door het traanafvoersysteem geblokkeerd. De meest frequente oorzaken zijn ooginfecties (herpes). De vernauwingen kunnen ook ontstaan door medicijnen zoals Taxotere. Hierdoor kan de patiënt een brandende (inflammatoire) reactie krijgen bij het slijmvlies in de traanafvoerkanalen (canaliculi). Het slijmvlies zwelt op en er ontstaat eerst een kleine vernauwing (substenose). Later kan dit een volledige vernauwing worden doordat de slijmvlieswanden gaan verkleven.
Distale stenose
Indien de vernauwing ter hoogte van de traanzak en het neustraankanaal (ductus nasolacrimalis) ligt, spreekt men van een distale stenose. Dit kan het gevolg zijn van een vroegere neusfractuur, traanzakcyste of tumor. Wanneer er geen oorzaak gevonden wordt, spreekt men van een PANDO (Primary Acquired Nasolacrimal Duct Obstruction).
Behandelingen
De behandeling van tranende ogen is afhankelijk van de oorzaak van de tranende ogen. Hypersecretie van tranen kan met medicijnen behandeld worden, pompfunctie-afwijkingen met een ooglidcorrectie en een obstructie van de traanwegen met een stent of traanweg-bypass.
Hypersecretie
De reactieve tranen van hypersecretie kunnen verminderd worden met kunsttranen (oogdruppels). Dit herstelt het hoornvlies en moet het zandkorrelgevoel zo gaandeweg wegnemen.
Verminderde pompfunctie
Als tranen niet meer goed worden weggepompt als gevolg van leeftijdsgebonden slapheid, verlamming of na een operatie, kan correctieve ooglidchirurgie de traanafvloed verbeteren.
Vernauwing traanpunt en/of traanafvoerkanalen
De obstructie van de traanafvoerkanalen, bijvoorbeeld als gevolg van het gebruik van het medicijn Taxotere, kan alleen vroegtijdig worden aangepakt door een siliconetube te plaatsen. Zo worden de traanwegen mechanisch opengehouden en wordt een volledige vernauwing voorkomen. Als alleen het traanpunt vernauwd is, kan een traanpuntplug het traanpunt oprekken (dilateren). Indien ook de traanafvoerkanalen vernauwd zijn, wordt een bicanaliculaire stent geplaatst. Dit houdt het kanaal open. Voor geen van beide behandelingen hoeft u opgenomen te worden. Als de afvoerkanalen volledig vernauwd zijn, is het plaatsen van een siliconetube niet meer mogelijk. Dan wordt mogelijk een rechtstreekse bypass (Jones buis) geplaatst tussen de mediale ooghoek en de neusholte.
Distale stenose
Voor de vernauwing bij de traanzak en het neustraankanaal (distale stenose) is een dacryocysto-rhino-stomie (DCR)-operatie de oplossing. Tijdens de operatie wordt een nieuwe bypass gemaakt tussen de traanzak en de neusholte. Hierbij komt het nieuwe ostium boven de axilla van de concha media te liggen. Deze DCR-operatie wordt uitgevoerd via ofwel externe weg ofwel de neusholte. Bij een externe DCR wordt een incisie gemaakt tegen de neusflank en wordt het traanzakslijmvlies verbonden met het neusslijmvlies. De externe procedure is de voorkeursprocedure bij traanzaktumoren. Bij een (endonasale) DCR via de neusholte wordt de operatie uitgevoerd door een endoscoop via de neus. Er wordt een endolight geplaatst tot in de traanzak waardoor men in de neus de precieze locatie van de traanzak kan zien. Via de traanpunten worden siliconetubes geplaatst die drie maanden moeten blijven. Zo blijft de opening mechanisch open tijdens de herstelfase.
Behandelende diensten
Tranende ogen worden behandeld door de dienst Oogziekten.