Back to top

Technologie helpt anesthesisten om nog correcter te doseren

12 december 2017

De dienst Anesthesie op campus Sint-Jan vindt het bijzonder belangrijk om op de hoogte te blijven van alle nieuwe evoluties en kennis binnen het vakgebied. Zo was het tot nog toe aan de anesthesist om op basis van zijn opleiding en ervaring voor elke patiënt de juiste dosissen en combinaties van slaap- en verdovingsmiddelen uit te balanceren. Nieuwe technologie kan deze voortaan helpen bij de taak om deze nog beter af te stemmen op elke individuele patiënt.
 

Terug naar de basis

Om een patiënt te verdoven die een operatie moet ondergaan, bestaan veel verschillende keuzemogelijkheden die allemaal tot een goed resultaat kunnen leiden. Anesthesisten maakten hun keuze daarom vaak op basis van wat ze geleerd hadden tijdens hun opleiding en stage. Op campus Sint-Jan wil de dienst Anesthesie terugkeren naar de wetenschappelijke basis om de anestheticacombinaties en -dosissen te bepalen. Ze laten zich hierbij helpen door twee verschillende technologieën: de 'Target Controlled Infusion (TCI)'-pompen en een soort van 'gps'-adviessysteem.

Infusiepompen

De TCI-technologie bestaat voor meerdere soorten anesthetica. Het gaat om infusiepompen waarin de anesthesist een aantal patiëntgegevens ingeeft, zoals leeftijd en gewicht, samen met een aantal instellingen voor de verdoving. De pomp dient het medicijn vervolgens toe met een sterk gecontroleerde snelheid, die onder meer is aangepast aan de eigenschappen van de patiënt. De anesthesist kan zich bovendien ook voor het afbouwen van de anesthesie op de berekeningen van de pomp baseren om patiënten gecontroleerder te laten wakker worden. Na verloop van tijd kan de anesthesist zo steeds preciezer de effecten van bepaalde medicijnen, dosissen en combinaties voorspellen. Vooral de kwetsbare patiënten halen daar voordeel uit. Oudere mensen met een beperktere nier-, hart- of leverfunctie, bijvoorbeeld, kunnen zeer gevoelig zijn voor anesthesie-effecten. Zij hebben er dus zeker baat bij als de anesthesist heel precies kan doseren om een voldoende diepe anesthesie te bekomen.

Gps-systeem

Dankzij de recentste technologieën kunnen de anesthesisten daarin zelfs nog een stap verder gaan. Patiënten krijgen zelden een enkel medicijn toegediend, maar eerder een combinatie van medicijnen die op elkaar inwerken. De nieuwste technologieën maken het mogelijk om het gezamenlijke effect van de meest gebruikelijke combinaties correcter in te schatten. Ze baseren zich voor deze berekeningen onder meer op de resultaten van de uitgebreide studies die zijn uitgevoerd vooraleer een nieuw anesthesiemiddel gelanceerd wordt. Er zijn op dit ogenblik twee medisch bruikbare adviesschermen beschikbaar die aan het bed van de patiënt berekenen welk effect de anesthesist mag verwachten bij eender welke combinatie van slaapmiddelen en opiaten (verdovingsmiddelen) en wat de kansen zijn dat de patiënt op bepaalde prikkels reageert. Hun werking is vergelijkbaar met die van een gpssysteem: een landkaart  waarin de anesthesist zelf bepaalt welke route hij volgt.

Ten voordele van de patiënt

Het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV beschikt al langer over diverse TCI-pompen en kocht onlangs ook twee beademingstoestellen aan waarin de software voor zo'n 'gps'-adviessysteem verwerkt zit. Zo kan de dienst Anesthesie voortaan dus nagaan hoe ze die gecombineerde kennis en technologie maximaal kunnen inzetten in het voordeel van de patiënt en hoe ze meer patiënten met een minimum aan anesthesiemiddelen kunnen helpen.